Over dit project

Het begon allemaal met een fotonotitieboekje

Weeshuizen passen niet bij de nieuwe (economische) status die Rwanda ambieert. De kinderen zijn beter af bij eigen familie of in een pleeggezin, is het argument.

Fotografe Anaïs Lopéz, journaliste Paulien Bakker en filmmaker Anisleidy Martínez reisden eind 2014 af naar weeshuis l’Esperance op het Rwandese platteland, waar Paulien al langer bij betrokken was. Ook dit moest sluitenIMG-20150528-WA0000 en zowel de kinderen als de medewerkers van het weeshuis maakten zich zorgen over de toekomst.

We wilden zien wat de sluiting voor de kinderen betekent. Dertig kinderen kregen een fotocursus en de opdracht om hun leven vast te leggen. Met hun foto’s ontwikkelden we (of eigenlijk de geweldige vormgever Linda Braber) een fotonotitieboek. Het is tegelijk voor de kinderen ook een aandenken aan hun weeshuisfamilie, die door de sluiting uiteen valt. De kinderen portretteerden hun eigen leven. Ze groeiden op zonder spiegels en zonder elektriciteit. Tijdens de cursus leerden ze kijken, naar zichzelf en de wereld. Het fotonotitieboekje In my dreams I want to become a tourist verwijst naar één van de dromen van een van de makers uit dit boekje. Het fotonotitieboek is nog steeds te koop; de opbrengsten van de verkoop gaan naar onze stichting, Victor Monroy Trust, dat het schoolgeld overmaakt.

Twee jongens

December 2014, vlak voordat het weeshuis sloot, waren er nog 56 kinderen over. Niemand was hen komen halen. Onder de jongsten waren de broers Hirwa (13) en Jean-Cloude (11). Hun moeder leefde nog, maar was hen niet komen halen. We besloten om de broers te Rwanda broershelpen en haar samen te bellen. Fareeda was 27 jaar en woonde in Kigali. Ze werd wees tijdens de genocide en kreeg Hirwa toen ze dertien was. Fareeda was te arm om voor hen te zorgen. Ze had goede herinneringen aan haar eigen jaren in een weeshuis en meende dat de jongens daar het beste af waren. Nu dwong de regering haar om de jongens weer terug te nemen. Ze raakte haar baan als inwonende hulp kwijt en moeizaam begon het drietal aan een gezamenlijk bestaan. Zouden ze het samen redden? Lees het hele verhaal op NRC Next of de Engelse versie op Narratively.

In de film die in 2015 verscheen reflecteren we ook op onze eigen rol en verantwoordelijkheden – op hoe moeilijk het is om echt goed te doen. In my dreams I want to become a tourist en de fototentoonstelling met beelden van Anaïs Lopéz was onder meer te zien in de Oba te Amsterdam, bij het WTC in Den Haag en Amsterdam, en bij Humanity House in Den Haag. Curator van deze reizende tentoonstelling was Iris Sikking. De tweeschermsinstallatie werd gemaakt door Thomas Vroege.

Waarom dit project?

about us 2Van de 126 kinderen die ooit woonden in de acht eengezinswoningen op het terrein, waren er begin december nog 56 over. De meesten van hen waren veertien jaar of ouder; geen familie wilde hen opnemen. Hoewel de regering de deadline voor sluiting van de weeshuizen ter elfder uren uitstelde, hadden de donors hun steun toen al ingetrokken. Veel kinderen kwamen terecht in arme gezinnen, sommige werden opgehaald omdat men verwachtte dat de regering geld zou geven. Een deel gaat al niet meer naar school. Tenminste vier meiden zijn voordat ze de middelbare school hadden afgerond ongehuwd moeder geworden. Een hulporganisatie beloofde de gezinnen de eerste drie jaar financieel te ondersteunen. Die drie jaar zijn nu voorbij. Hoe gaat het nu verder?

Hoe raakten we hier verzeild?

foto05Paulien Bakker bezocht l’Esperance Childrens Village voor het eerst in 2005. In februari 2006, na de geboorte van Solomon Gakuru, vroeg weeshuisdirecteur Victor Monroy haar om hulp bij de oprichting van een Babyhome voor kinderen tot twee jaar. Ze keerde in de tussenliggende jaren geregeld terug. Toen ze hoorde van de voorgenomen sluiting, vroeg ze zich af: waar komen die kinderen nu terecht? Fotograaf Anaïs López luisterde naar haar verhaal en zei meteen: “Maar dat is een moderne Assepoester verhaal!” In haar lunchpauze wilden ze filmmaker Anisleidy Fonsecca Martínez vragen om met hen mee te gaan. Ani die is groot gebracht met Cubaanse helden die zich inzetten voor mensen in Afrika, antwoordde nog voordat de vraag gesteld was. Zes maanden na ons eerste bezoek keerden we terug. We blijven teruggaan.

 

Over ons

Anaïs López werd genomineerd voor een Gouden Kalf voor haar meest recente project, de tentoonstelling en app De Migrant over een ongewenst vogeltje in Singapore.Anais aan het werk Anaïs publiceerde in 2013 twee boeken: ‘Only in Burundi’ en ‘In the beginning no bird sang’. Beide projecten werden genomineerd voor de Dutch Doc Award.

‘Only in Burundi’ was te zien in het Stedelijk Museum als onderdeel van de tentoonstelling ‘On the Move’. Haar werk was verder te zien in o.m. het Tropenmuseum en Photo Ville New York en verscheen in tal van media, waaronder nrc.next en HP/De Tijd. Anaïs voltooide in 2010 haar Master’s studie in fotografie aan de AKV/St Joost, Breda. Ze volgde een Magnum mentorschap en was lid van de World Press Photo Workshop.
Website
Interview Holland Doc over ‘Only in Burundi’
Video van het boek ‘Only in Burundi’

 

 

about us 1

Anisleidy Martínez Fonseca groeide op in Cuba. Ze studeerde communicatie aan de Universiteit van Havana en volgde een opleiding als videoproducer aan het College voor MultiMedia in Amsterdam, waar ze sinds 2009 woont. Ze werkte als videoproducer voor ZoominTV. Haar eerste project is te zien op: http://www.mijndiamantbuurt.nl/. Anisleidy werkt momenteel aan haar eerste grote documentaire in Cuba.

 

 

about us 3Paulien Bakker is auteur van het boek ‘Een romantisch volk’ over de inwoners van de Iraakse stad Kirkuk. Ze werkt momenteel aan haar tweede boek. Tot de zomer van 2018 was ze directeur van de Stichting Verhalende Journalistiek. Als freelance journalist schreef ze voor Nederlandse media als De Volkskrant en Vrij Nederland en de Amerikaanse site Narratively en Al Jazeera. Paulien studeerde journalistiek en psychologie.
Website
Video Hallo Baghdad
Eerder werk: Correspondent en Narratively

 

Go to top