countrywithoutorphans.nl

blog

Solomon Gakuru

Xaverine & five babiesWe zijn nog maar net uit Kibuye vertrokken als ons busje stopt en John, de opziener van het weeshuis, uitstapt. Langs de kant van de weg staat een negenjarig jongetje in een grijze ribbroek die alweer even te klein voor hem is. Hij heeft een klein kartonnen doosje bij zich en glimlacht verlegen.

Solomon Gakuru geeft een slap handje aan de lange, stralende vrouw naast hem, die hem een paar maanden geleden heeft geadopteerd. Ik schat haar eind veertig. Ik geef haar ook een hand. ‘Xaverine,’ zegt ze. Verward stap ik weer in. Er was een Xaverine die voor Solomon zorgde toen hij net geboren was, Victor had me een foto van haar gestuurd. Deze vrouw lijkt op haar – maar dan tien jaar jonger.

In 2005 bezocht ik l’Esperance Childrens Village in Rwanda voor het eerst. Kort na dat bezoek mailde directeur Victor Monroy me dat in het nabijgelegen ziekenhuis een vrouw was bevallen van een tweeling en kort erop was overleden. Ze was op de universiteit zwanger geraakt en in paniek naar de andere kant van het land gevlucht. Er kwam niemand voor de baby’s. De maatschappelijk werkster van het ziekenhuis, Xaverine, nam de jongens mee naar huis. Ze gaf Solomon zijn Rwandese naam: Gakuru, hij die eerst kwam.

Victor vroeg me om geld in te zamelen, zodat zij voor deze en maximaal zeven andere baby’s kon zorgen, tot ze oud genoeg waren om opgenomen te worden in het weeshuis. Hij vroeg me om de baby’s hun Christelijke naam te geven. Voor de kleinste, met beentjes zo dun als luciferstokjes, stelde ik de naam Simson voor, zijn dikkere broertje Solomon. Simson overleed drie dagen later. Maar al snel kreeg Solomon gezelschap van Samuel, die ook zijn moeder bij zijn geboorte had verloren. Toen er een apart babyhome gebouwd werd op het terrein van het weeshuis, zorgde Xaverine al voor zes baby’s, terwijl ze halverwege de vijftig was. Ze besloot om de baby’s over te dragen en zelf niet mee te verhuizen.

Ik bezocht Solomon Gakuru al een paar keer, en nu het weeshuis sluit keer ik terug met fotografe Anaïs López en filmmaker Anisleidy Martínez om een fotocursus te geven, zodat de kinderen, voordat ze hun thuis verlaten, hun eigen leven vast kunnen leggen. En zo komt het dat we Solomon Gakuru een week later terugbrengen. Het is anderhalf uur rijden achterop de motor door de modder, over ruw terrein, maar hij wil zo snel mogelijk naar huis. Als we afstappen en onze motorhelmen teruggeven, loopt Solomon al de heuvel op en omhelst Xaverine.

‘Ik snap het niet, u ziet er veel jonger uit dan toen, en toen is alweer negen jaar geleden,’ stamel ik.

‘Ik ben hertrouwd,’ zegt ze. ‘Toen ik in het ziekenhuis werkte, kwam ik net uit de gevangenis, dat was een zware tijd.’

‘Sorry?’

‘Na de genocide heb ik een aantal jaren gevangen gezeten. Ze hadden me verward met iemand anders.’

Solomon Gakuru kleedt zich om en gaat op bed liggen, dat aan alle kanten de muur raakt, behalve aan de kant van de deur. Hij laat het bezoek voor wat het is, zoals het een negenjarige betaamt. Xaverine laat in de woonkamer foto’s zien van haar tweede bruiloft, van de baby’s waar ze destijds voor zorgde, van haar eigen kinderen. Daar zitten we dan: de twee vrouwen die dit jongetje zijn naam hebben gegeven.

 

Help je ons mee om de kinderen naar school te sturen? Ga naar 1%club.

Volg het project A Country without Orphans op www.countrywithoutorphans.nl of op Facebook. Meer zien of lezen over de makers zelf? Ga naar Anais Lopez of Paulien Bakker.

 

 

 

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Go to top